Jan (68) en Marieke (66) over schenken, verschil in achtergrond en weer samen op één lijn komen
.
“We hebben het goed, de kinderen zijn volwassen, we hebben lieve kleinkinderen” zegt Marieke. Ik dacht: waarom wachten met schenken? We kunnen ze nu helpen, en dan zien we er zelf ook nog iets van. Ik vond het juist leuk om te geven: een steuntje voor een verbouwing, of een extraatje voor vakanties met de kleintjes. Maar Jan vond het allemaal veel te veel.”
Jan knikt. “Ja, ik snap dat ze het goed bedoelt, maar ik voelde me er niet prettig bij. Ik ben opgegroeid met weinig. Mijn ouders konden me niet helpen met studeren, dus ik werkte erbij, spaarde alles zelf bij elkaar. Dat heeft me gevormd. Ik wil dat onze kinderen óók leren hun eigen boontjes te doppen. We hebben ze geholpen met hun studies. Als we nu zomaar grote bedragen gaan geven, waar stopt het dan?”
Marieke: “We zaten echt vast. Elke keer als ik het onderwerp aansneed, ging Jan in de weerstand. Ik voelde me dan juist niet gehoord. Tot we besloten: laten we er hulp bij halen. Het gaat niet om ‘winnen’, maar om het gesprek open te krijgen.”
Jan: “Ik besefte dat ik soms té veel vasthoud aan ‘zo hoort het’. En dat ik bang was dat we alles zouden weggeven, terwijl dat helemaal niet was wat Marieke wilde. Ik heb geleerd om te luisteren zonder meteen te oordelen.”
Marieke: “En ik leerde dat ik ook kon delen wat ik belangrijk vond, zónder Jan het gevoel te geven dat ik over hem heen wilde walsen. We zijn nu veel dichter bij elkaar gekomen. We hebben afspraken gemaakt over wat we wél doen: op een manier die voor ons allebei klopt.”
Jan: “En weet je, ik ben er nu zelfs oké mee. We geven nu bewust. Dat voelt goed.”
Marieke lacht: “En we genieten er allebei van. Niet alleen van het geven, maar ook van het feit dat we dit sámen hebben gedaan.”